Toezicht

De lokale besturen dienen bij het uitoefenen van hun bevoegdheden de hogere rechtsnormen, de algemene rechtsbeginselen van behoorlijk bestuur en hun eigen reglementen na te leven.

Het administratief toezicht biedt de toezichthoudende overheid (gouverneur, Vlaamse regering) de middelen om op te treden tegen besluiten van lokale besturen die de wet schenden of het algemeen belang schaden.

Onder de lokale besturen worden niet enkel de gemeenten en OCMW’s verstaan maar ook de autonome gemeentebedrijven, de OCMW-verenigingen, de politiezones, de polders en wateringen en de besturen van de eredienst.

Men onderscheidt het bijzonder administratief toezicht van het algemeen administratief toezicht.

Bijzonder administratief toezicht

Een besluit dat onderworpen is aan een bijzonder administratief toezicht (bv. een goedkeuringstoezicht) kan slechts worden uitgevoerd nadat de toezichthoudende overheid een bepaalde handeling (bv. een goedkeuring) heeft gesteld.

Algemeen administratief toezicht

Een veel lichtere vorm van toezicht is het algemeen administratief toezicht waarbij het besluit onmiddellijk uitvoerbaar is maar door de toezichthoudende overheid in zijn uitvoering kan worden geschorst (door de gouverneur) of vernietigd (door de Vlaamse regering). In geval de gouverneur een besluit in zijn uitvoering schorst beschikt het bestuur over een welbepaalde termijn om het geschorste besluit in te trekken of gemotiveerd te rechtvaardigen. In geval het bestuur zijn besluit rechtvaardigt kan de Vlaams minister van Binnenlands Bestuur het besluit alsnog vernietigen. De minister kan het besluit ook onmiddellijk vernietigen.

Versoepeling administratief toezicht

De laatste jaren werd het administratief toezicht aanzienlijk versoepeld. Ten eerste werd het bijzonder administratief toezicht stelselmatig afgebouwd en vervangen door een algemeen administratief toezicht en ten tweede wordt het algemeen administratief toezicht in de regel slechts in werking gesteld ten gevolge van klachten van burgers of raadsleden. Slechts een beperkt aantal beslissingen, vooral als het gaat over financiën en personeelszaken, moeten door de besturen verplicht overgemaakt worden voor controle. Van de andere beslissingen wordt een overzichtslijst opgemaakt en worden pas opgevraagd voor grondig onderzoek nadat er een klacht ingediend werd.